Vragenlijst stressbestendigheid en persoonlijkheid

  1. Ik heb het gevoel dat ik mijn werk meestal onder controle heb (geheel eens…..geheel oneens)
  2. Ik stel me flexibel op bij veranderingen en nieuwe situaties.
  3. Ik ben zo prestatiegericht dat ik geregeld over mijn eigen grenzen ga.
  4. Ik presteer graag goed, ik doe alles om geen fouten te maken. Als ik fouten maak, twijfel ik nogal aan mezelf.
  5. Ik ben competitief, ik meet mij aan anderen.
  6. Kritiek ervaar ik als behoorlijk stressvol.
  7. Conflicten ervaar ik als behoorlijk stressvol, ook als ik er slechts zijdelings mee te maken heb.
  8. Mijn werk is nooit af, er is zo veel te doen.
  9. Ik kan moeilijk nee zeggen als men mij om hulp vraagt.
  10. Ik vind het moeilijk om impopulaire beslissingen te nemen of impopulaire standpunten in te nemen, ik wil dat men mij steeds aardig vindt.
  11. Ik ontvang graag waardering van belangrijke personen, anders voel ik mij niet volwaardig.
  12. Ik geef nooit op, al ben ik moe.
  13. Men noemt mij een enorme doorzetter.
  14. Ik zie snel beren op de weg, bij een fout denk ik dat alles mis zal lopen.
  15. Bij tegenslag verlies ik de moed snel of raak ik vlug gefrustreerd.
  16. Het komt regelmatig voor dat mensen zich niet gedragen zoals ze zich horen te gedragen of dat ze mij onrechtvaardig behandelen.
  17. Ik voel me er sterk verantwoordelijk voor dat alles goed loopt.
  18. Ik ben zeer betrokken bij het werk.
  19. Mijn werk is zeer belangrijk voor me.
  20. Ik moet alles zelf oplossen. Ik vraag bijna nooit hulp.
  21. Ik uit mijn gevoel zelden naar anderen.
  22. Vervelende dingen overkomen mij vaak zonder dat ik er invloed op kan uitoefenen.
  23. Ik maak me vaak zorgen.
  24. Ik ben hoogsensitief of extra gevoelig.
  25. Ik zal anderen niet snel aanspreken op hun gedrag als ze over mijn grenzen gaan.
  26. Ik heb er een enorme hekel aan als mijn planning wordt doorkruist. Ik hou niet van ongeplande activiteiten.
  27. Ik onderschat het tijdsbeslag van taken vaak, daardoor zeg ik te gemakkelijk ja en pak ik te veel op.

Karaktertrekken die mensen gevoeliger maken voor burn-out (n.a.v. bovenstaande vragenlijst)

  1. Perfectionisme: alles perfect willen doen, niets fout mogen doen, zeer kritisch zijn op zichzelf, hoge eisen aan zichzelf stellen.
  2. Behulpzaamheid: iedereen willen helpen, altijd klaar staan voor anderen, het altijd iedereen naar de zin maken, behoeften van anderen op de eerste plaats zetten.
  3. Verantwoordelijkheidsgevoel: zich overal verantwoordelijk voor voelen. Verantwoordelijkheid niet uit handen willen of kunnen geven.
  4. Zichzelf wegcijferen: niet aan zichzelf denken, te weinig aandacht voor zichzelf, altijd met anderen rekening houden, luisteren naar andermans problemen maar de eigen ontkennen, niet voor zichzelf zorgen, opofferend.
  5. Loyaal, plichtsgetrouw, trouw.
  6. Doorzetten: altijd maar doorgaan, doorzetten ondanks dat het niet meer gaat, volhouden totdat het niet meer kan.
  7. Bewijsdrang: willen presteren, alles voor het werk doen, werk het allerbelangrijkste vinden, sterke ambitie, vechten voor waardering, sterke passie voor het werk.
  8. De sterke zijn: denken alles te moeten doen, geen hulp vragen, niet aangeven wanneer het te veel wordt, opgeven als zwakte ervaren, denken onmisbaar te zijn.
  9. Subassertief: neiging zich teveel aan te passen, niet assertief genoeg, iedereen te vriend willen houden, te lief, conflicten uit de weg gaan.
  10. Onzeker: onvoldoende zelfwaardering en weinig zelfvertrouwen.
  11. Geen nee kunnen of durven zeggen.
  12. Geen grenzen stellen: geen grenzen aan kunnen geven, over eigen grenzen gaan, te veel hooi op de vork nemen.
  13. Controle willen houden: alles onder controle willen houden, alles tot in de puntjes willen plannen en organiseren, dingen niet los kunnen laten, controlefreak, niet kunnen delegeren.
  14. Zorgen maken: piekeren, zorgelijk, pessimistisch, angst voor negatieve gebeurtenissen.
  15. Gesloten zijn: emoties niet kunnen uiten, binnenvetter, meer denken dan voelen, introvert.
  16. Faalangstig: bang zijn fouten te maken. Zaken vermijden om geen fouten te maken.
  17. Overgevoelig: emoties sterk voelen, zeer gevoelig.
  18. Pleaser: aardig gevonden willen worden en behoefte aan waardering en bevestiging. Te veel de mening van anderen aantrekken, geliefd willen zijn.
  19. Positiviteit: naïef optimisme en positiviteit die leiden tot onderschatting van negatieve situaties of hoeveelheden werk: daardoor te veel hooi op de vorm nemen.
  20. Moralisme: principieel, niet tegen onrecht kunnen. Zo hoort het niet, dat doe je toch niet.

Comments are closed.